De mythe van een verzonnen Ambiorix!

Gepubliceerd op 7 maart 2025 om 22:00

Op 22 februari verscheen in de online-editie van Knack een artikel met de titel Wie was Ambiorix, de koning van de Eburonen?”. Niet alleen bevat de tekst een reeks onnauwkeurigheden. Het is manifest onjuist om de overwinning van de Eburonen onder leiding van Ambiorix als een mythe te bestempelen, net zoals de stelling dat zijn bestaan onzeker zou zijn enkel omdat zijn naam uitsluitend in De Bello Gallico van Caesar wordt vermeld, zogenaamd onze enige authentieke bron. Tenslotte wordt zonder ernstige aanwijzingen gesuggereerd dat sommige historici van mening zijn dat Caesar Ambiorix mogelijk heeft verzonnen om de nederlaag van zijn troepen te rechtvaardigen.

De manier waarop de auteur de feiten weergeeft, doet afbreuk aan de historische waarde van Caesars verslag en is in tegenspraak met de historische bronnen waarover wij beschikken. Uiteraard kennen wij de Eburones en Ambiorix in de eerste plaats uit de Commentarii van C. Iulius Caesar. Dit zijn een soort ambtelijke rapporten over de militaire campagnes die Caesar maakte ten behoeve van de Romeinse senaat. Het spreekt voor zich dat deze rapporten niet gelijk gesteld kunnen worden aan een objectieve berichtgeving. Zij werden immers geschreven om te overtuigen, om ervoor te zorgen dat in Rome de juiste politieke beslissingen werden getroffen, zodat Caesar voor zijn mandaat als proconsul van Gallië de nodige militaire armslag had. Bovendien werden op basis van deze verslagen in de Romeinse senaat grote debatten gehouden. In de zomer van 56 voor Christus sprak Marcus Tullius Cicero in de Romeinse senaat tijdens zo een debat zijn befaamde redevoering ‘Over de consulaire provincies’ uit. ‘De oorlog in Gallië is zeer hard geweest. Machtige volkeren werden door Caesar onderworpen, maar nog niet gebonden door wetten, door een zeker juridisch statuut, door een voldoende sterke vrede.’ De redenaar wees op het gevaar van een opflakkering van de oorlog in Gallië en pleitte voor een verlenging van het commando van Caesar.

Het spreekt voor zich dat deze teksten met de nodige kritische zin moeten worden gelezen. Echter, kon Caesar het zich in een dergelijke context permitteren om te liegen? Kon hij het zich veroorloven om aan de gebeurtenissen een hele reeks onwaarheden toe te voegen, om eventueel een figuur als Ambiorix te verzinnen? Dit is niet één, maar tien stappen te ver. In het Romeinse leger was Caesar immers niet de enige die kon schrijven. Het is bekend dat ook de hogere kaders een drukke briefwisseling met het thuisfront voerden. Het meest bekende voorbeeld hiervan is Quintus Cicero, die met zijn broer M. Tullius Cicero in Rome een drukke briefwisseling onderhield. Enkele brieven ervan bleven bewaard. En juist deze Quintus Cicero vocht tijdens de winter van 54 voor Christus een strijd op leven en dood tegen een Gallische coalitie, waarin de Eburones onder leiding van Ambiorix een leidende rol speelden. Pertinente leugens zouden meteen worden ontmaskerd.

Verder zijn er een aantal teksten van antieke auteurs die de geschiedenis van Ambiorix behandelen en die tot op de dag van vandaag kunnen geconsulteerd worden. Ik vermeld hier op de eerste plaats Titus Livius en zijn geschiedenis van Rome Ab urbe condita. Een groot deel van boek 106 behandelde Caesars veldtochten in onze contreien. Jammer genoeg beschikken wij slechts over samenvattingen, de zogenoemde Periochae. Daarin wordt wel de nederlaag van Sabinus en Cotta tegen de Eburonen onder leiding van Ambiorix vermeld. Het feit alleen al dat deze beruchte Romeinse nederlaag in de samenvattingen wordt behandeld, toont aan welke belangrijke plaats het verhaal van Ambiorix in het werk van Livius innam. Een tweede interessante auteur die aandacht besteedde aan deze gebeurtenissen, is de Griek Plutarchus in zijn biografie van Caesar. Ook hij vermeldt Ambiorix bij naam. Suetonius spreekt in zijn biografie van Caesar alleen van de nederlaag van Titurius, maar noemt Ambiorix niet. De Romeinse geschiedenis van Dio Cassius tenslotte, is naast het verslag van Caesar de uitvoerigste bron voor de Gallische oorlogen. Dio Cassius beschrijft omstandig de confrontatie tussen de Eburones onder leiding van Ambiorix en het anderhalve legioen van Sabinus en Cotta. Bovendien verschaft hij op sommige punten versie die licht afwijkt van de Commentarii van Caesar.

Naast deze teksten zijn er een hele reeks geschriften van contemporaine historici geheel of gedeeltelijk verloren gingen. Historici vermoeden dat minder dan tien procent van de oude literatuur tot ons is gekomen. Het is dus maar een fractie waarover wij vandaag de dag kunnen beschikken. Het is goed om dit in het achterhoofd te houden bij de vraag naar de historiciteit van Ambiorix. Een van die antieke geschiedschrijvers was G. Asinius Pollio, een tijdgenoot van Caesar die Velleius Paterculus als een van de meest vooraanstaande geesten van zijn tijd beschouwde. Onder die geschiedschrijvers bevonden zich ook fervente tegenstanders van Caesar zoals bij voorbeeld Q. Aelius Tubero. Ook briefwisseling, met uitzondering van deze van Cicero, bleef amper bewaard.

Het feit dat deze geschriften niet bewaard bleven, betekent niet dat zij geen invloed hebben gehad. Integendeel, zij informeerden de tijdgenoten van Caesar, voedden de debatten in de senaat evenals de gesprekken op het Forum in Rome en zouden ons nu zeker toegelaten hebben het beeld van Caesar op een meer genuanceerde manier te schetsen. Tegelijkertijd mogen wij ook geen afbreuk doen aan de hierboven genoemde historici. Titus Livius, die relatief kort na de gebeurtenissen schreef, heeft zeker de andere bronnen geconsulteerd waaraan hij de versie van Caesar kon toetsen. Op het vlak van geschiedschrijving en historische methode is zijn oeuvre een monument, en we zouden deze historicus groot onrecht aandoen, indien we hem een slaafse navolger van Caesar zouden noemen. Hoewel de heuristiek van Livius naar hedendaagse maatstaven gebrekkig was, weten wij dat hij naast Caesar voor deze periode ook auteurs als G. Asinius Pollio heeft geconsulteerd. Suetonius en Plutarchus kenden eveneens het werk van Asinius Pollio. Hoewel Dio Cassius weinig nieuws toevoegt aan de tekst van de proconsul, mag je hem er niet zonder meer van beschuldigen dat hij de versie van de Commentarii gewoon heeft overgenomen. Dio Cassius wordt immers als een integer onderzoeker beschouwd en het is van hem bekend dat hij ook Asinius Pollio en Aelius Tubero heeft geconsulteerd. En zo kunnen wij feitelijk bevestigen dat naast Caesar er ook nog andere bronnen zijn die ons tot op de dag van vandaag ter beschikking staan. Het is dus niet correct te beweren dat de Commentarii van Caesar de enige authentieke bron waren waarop de geschiedschrijvers in de oudheid beroep konden doen.  

De vraag of Ambiorix echt heeft bestaan hangt tenslotte nauw samen met die of Caesar en zijn legioenen daadwerkelijk hier zijn geweest. De minimalisten onder de historici vinden teksten pas geloofwaardig als de archeologie ze bevestigt. Zodoende wordt er geregeld twijfel gezaaid, omdat er geen specifieke archeologische vondsten bekend zouden zijn die het verhaal van Caesar bevestigen. Men zou bij voorbeeld verwachten dat van de winterkampen die de legioenen van Caesar hebben gebouwd voor enkele duizenden militairen, restanten zouden zijn teruggevonden. Inmiddels heeft het archeologisch onderzoek in die problematiek verandering gebracht. Archeologen en historici zijn erin geslaagd een aantal vondsten en sites rechtstreeks aan de krijgsverrichtingen in noordelijk Gallië te koppelen. Nabij het plaatsje Hermeskeil bij voorbeeld heeft intensief archeologisch onderzoek sinds 2010 aangetoond dat daar een Romeins legerkamp uit de tijd van Caesar was gesitueerd. Ondertussen vertelt goudschat van Heers bij Tongeren samen met andere muntvondsten een heel verhaal over de Gallische coalitie die met Caesar de strijd aanging. Het is duidelijk dat het archeologisch onderzoek tijdens de laatste jaren voldoende argumenten heeft aangereikt om Caesars tekst als historische bron te ondersteunen,

Op basis van een eenvoudige methode van historische kritiek kan je dus met recht en reden aannemen dat Ambiorix wel degelijk een historische figuur is die een belangrijke rol gespeeld heeft tijdens de Gallische oorlogen, waarmee de stellingen, die op de website van Knack werden gepubliceerd, als onwaar kunnen bestempeld worden.

 

Foto: Sofie Nouwen